Welkom op het Hoogend.

Zoek

Ga naar de inhoudsopgave

23 Burgers.

Verhalen

Burgers en Poorters.


In de oude stukken ziet men bij 't noemen van personen telkens den naam Burger expressehjk vermeld. Elders worden deze Burgers Poorters geheeten. 't Woord Poorters zal ontleend zijn aan de poorten der steden.De Burgers en Poorters van vroeger komen overeen met de Schutters van later tijd. Zij hadden mede over de veiligheid der stad te waken en vormden „de gemeene gemeente" gelijk het Sneeker Stadboek in den aanhef zegt. Wie Burgers waren ? De kinderen binnen de poorten geboren en getogen uit ouders als Burgers erkend. Zoo was het althans in andere Friesche steden. En aan vreemdelingen kon het burgerrecht verleend worden. De vreemdeling moest op het Stadboek zweren, nadat hem de keuren waren voorgelezen. Na de voorlezing werd hem 14 dagen bedenktijd gelaten. Kon hij dan niet tot den eed besluiten, dan moest hij de stad verlaten. In Bolsward en Leeuwarden werd den vreemdeling een jaar tijd daarvoor gegeven. Doch niet ieder werd als Burger toegelaten. Hij moest „guetruftich" zijn, goed ter naam en faam bekend staan, en niet de stad schade en verdriet aanbrengen, In Stavoren moest hij zijn goed verleden zelfs bij geschrifte bewijzen, dus een acte van goed gedrag kunnen toonen. Wie te Sneek Burger wilde wórden, moest dit worden met hart en ziel, met ,.al syn goèt, dat men dragen en dryven mach." Met zijne medeburgers had hij dan verder , goet ende quaet te lyden." Men wilde niet dat hij in twee steden verblijf zou houden, elders „vuer noch licht to holden" gelijk het heette. Forensen werden dus niet geduld. Ieder die van buiten inkwam en Burger wilde worden moest entreegeld betalen. Voor den uitlander of vreemdeling was dit hooger dan voor den geboren Fries, voor den eerste een heele en voor den laatste een halve klinkertgulden. Kon iemand dien niet dadelijk betalen, dan konden burgemeesteren pand of borg er voor eischen, „mer met gueden scamelen luiden" moest men niet te streng zijn en de hand een weinig lichten. In. enkele gevallen, wanneer men het minnen, is grootendeels Friesch en luidt aldus : „Dit sidzet ghy dat ghy die stad van Snitze „ende dae borgers al daer schillet (zult) hou, gonstich wesse.Ende dat ghy riocht en raed dae nu te binnen Snits jef neymaels coma schel, schellet ontsioen, ere ende reverentia bewyse tot hwet staet ghy coma en ist dat ghy aet vornimmet dat is Jenst (tegen) wa sted jef wse.(onze) borgers „dat ghy det schellat kera en rioecht en reed „openbaria mey al jow vermegen". Hij moest dus de overheid eeren en steunen en het kwaad mee helpen weren. In de vorige eeuw vinden we den inhoud van dit zeer oude formulier nog in hoofdzaak terug. „Ik zweere (of beloove) dat ik deeze stad „en deezelver Burgerij getrouw en gunstich „zal zijn, dat ik aan de stadsregeering in der „tijd allen behoorlijcken eerbied zal bewijzen „en iets vernemende strijdig met de rust en „veiligheid der stad en derzelver Ingezeetenen, „hetzelve zal openbaaren en naar vermogen „verhinderen." ..Aldus gearresteerd op den raadhuize te „Sneek den 12 Maart 1803. J. F. M. herbell." De burger kreeg naast rechten plichten. De rechten bestonden hoofdzakelijk hierin, dat hij in de stad „neringhe ende ambachte mochte doen" en benoembaar werd voor ambten of betrekkingen. Ook kon hij als getuige optreden en andere gerechtshandelingen verrichten. De vreemdeling stond buiten dat alles. Plichten van den Burger waren in tijden van gevaar mede ter verdediging op te komen, Daarvoor moest hij er een uitrusting op nahouden, op zijn beurt de wacht betrekken, de orde mee handhaven en hij moest zijn schot en lot betalen. Of de bewoners buiten de stadsmuren, der stadt vrijheit"genoemd, ook tot de Burgerswerdegerekend, meldt het Stadboek niet. Over Recht en Raad, samen vormend de regeering der stad, in een volgend nummer.

pagina 24


Homepage | Wie zijn wij? | activiteiten. | Dagboek | Sneek. | Albums | Foto site. | Gastenboek. | Weblog | Genealogie. | Links | Sitemap


Terug naar de inhoudsopgave | Terug naar het hoofdmenu