Verhalen
Oude wetten en straffen.
Een algemeene beschouwing over oude wetten en straffen, In veel langer dan honderd jaren tijds hebben we in de oude stukken der stad Sneek geen enkelen moord of doodslag, ja zelfs geen mishandeling met zwaar lichamelijk letsel berecht gevonden. Dit is wel bizonder, in aanmerking genomen de ruwe zeden en drinkgewoonten van dien tijd, te meer omdat het dragen van messen en wapenen algemeen mocht heeten en men ze dus steeds bij de hand en voor 't grijpen had. Nu was het oudtijds streng verboden die te trekken of daarmede iemand te bedreigen, laat staan te verwonden of te dooden, en ieder kende de daarop gestelde straffen uit zijn hoofd, Thans wordt ieder geacht de wet te „kennen", destijds „kenden" de meesten al de Statuten, Ordonnontien en Costumen van Friesland, waarmede het algemeen en ieder in 't bizonder, had rekening te houden, In 1602 werden die in 't licht gegeven door de Staten van ons gewest en algemeen verkrijgbaar gesteld, Ieder kon daarin lezen wat hem te doen en te laten stond en wat hij bij plichtverzuim of overtreding had te wachten, 't Was een praktisch wetboekje, gesteld in een voor dien tijd zeer bevattelijke taal, kort en zakelijk en wie niet konden lezen zoo waren er velen kregen in hoofdzaak wel te hooren, van buren of kennissen wat er in stond. Zoowel de ingezetenen van stad en land, als verschillende regeeringspersonen, van de hoogsten tot de laagsten, vonden daarin hun rechten en plichten beschreven, Sommige artikelen blijken nog afkomstig uit den tijd der Saksen, die ze op hunne beurt hadden overgenomen uit ouder wetten, zij het dan ook min of meer gewijzigd naar den eisch van dien tijd (1498), Wij zullen ons in hoofdzaak bepalen tot de injuriën of ongerechtigheden in woorden en werken, waaraan voorafgaat een artikel over de Waerden of de Herbergiers, ..Dewijl door de menigvuldigheit. der Tappers en de Weerden veel Scheldens, veel Vechtens ende Doodslagen veroorzaakt worden, soo willen wij, dat van nu voortaan ten Plattenlande in de grote Dorpen niet meer als twee Herbergiers en in de Cleijnste één sullen mogen toegelaten worden. Naar het leven en de conditie der Weerden moest onderzoek worden gedaan voor hen verlof tot tappen werd gegeven en alle Herbergiers waren verplicht de personen, welke bij hen kwamen drincken, hun messen en ander geweer af te eischen en in goede bewaringe te stellen. Zoo meer bepalingen. Mocht er een doodslag in hun huis geschieden, door hunne nalatigheid, dan hadden ze daar mede voor te boeten. Van allerlei overtredingen en misdrijven ziet men de straffen kort en zakelijk aangegeven en bij het toebrengen van verwondingen of kwetsuren, wordt elk lichaamsdeel afzonderlijk vermeld. Zoo de oogen, ooren. tanden, handen, vingers, beenen, voeten, teenen en het hoofd, neus, mond, tong en keel. Zoo van elken vuistslag, elke bloedrissing, van elke verzeeringe ook met vuur of met gesoden water. Het trekken van messen, het smijten met kannen of steenen, het doen van valsche aanklacht of eedzwering, overtreding van jacht of visscherij, kortom alle delicten zijn omschreven met de straf er naast. Een vuistslag b.v. moest met drie gulden worden beboet, op een vleeschwonde van een vinger lanck stond 10 goudguldens of 14 guldens. Was zij maar even langer, dan werd de boete verdubbeld, enzoovoort. Baardplucken werd zwaarder beboet dan hairplucken. Wie beleedigd of verwond werd en waar ter plaatse, maakte ook een groot verschil, Burgers, Boeren en Dienstbaren telden enkel, Edellieden, Predicanten. Rechters, Gerechtsboden, Vrouwen en Jongedochters dubbel, wat de boeten betreft. Breucken in iemands huis, op ter straten, ten Gerechte ofte ter Merkt, en van of na de Kerck gaende, telden mede dubbel. En in de Kerck, op het Kerckhof of in de Kraam zelfs vierdubbel. Aan dit laatste lid ziet men toegevoegd uitgesondert als men in de Kraam bier verkogte ofte open gasterije hielde dan was de boete als in een gewoon huis.Als de winkelier bij gewicht of ellemaat kon de rechter dus de straf toemeten, In zekeren zin was het dus voortijds zeer gemakkelijk recht te spreken of liever de straf te bepalen, wanneer het bewijs vaststaande werd geacht. Veeltijds waren het boeten dit werden opgelegd en konden die niet worden voldaan, dan eerst volgde kastijding of vrijheidsberooving, doch onverbiddelijk gestreng werd de doodstraf toegepast op moord en doodslag en enkele andere misdrijven. Het „wetboekje"van 1602 is een practische raadgever in allerlei aangelegenheden. Over doodslagers en oproermakers, Godslasteraars en Vloekers, Duivelbezweerders en Handkijkers, over Huwelijk en Voogdij, Hypotheken en Testamenten, Zeerechten en wijze van Procedeeren, Deurwaarders en Getuigen, over Bankrottiers (die waren er toen ook al, maar 't ging niet in de millioenen als tegenwoordig nu alles in 't groot gaat) en Bedelaars, Notarissen, Landmeters, Patroons en Handwerksluiden, Dienstboden en tal van andere personen en zaken, geeft dit eenvoudige wetboekje de voor het publiek noodig geachte ophelderingen in 't algemeen belang, Wij gelooven dat het zijn doel niet heeft gemist, maar heilzaam heeft gewerkt en een paar eeuwen lang de groote vraagbaak is geweest van het volk. Dat de straffen op vele delicten in den loop der tijden herhaaldelijk verzwaard zijn, omdat het kwaad dat men wenschte te bestrijden, niet verminderde, maas eer vermeerderde in de oogen der toenmalige wetgevers, pleit nog niet tegen het wetboekje en de straffen van dien tijd of tegen de practische .wetgeving, maar veeleer een gevolg geweest van de omstandigheden, eendeels van de toenemende en zich in de steden ophoopende bevolking, zoomede van het toenemend gebruik der sterke dranken die in het spel kwamen, en anderdeels zijn de tijden yan groote armoede door oorlog en overstrooming, misgewas en pestellentie zeker van grooter invloed geweest op de zeden en misdrijven en mitsdien op het verzwaren der straffen, terwijl ook de tijden van buitengewone welvaart er weelde, donkere schaduwen hebben geworpen op het volksleven van alle eeuwen,de armoede vermeerderde de vergrijpen tegen den eigendom, de weelde die in den lijn der uitspattingen. eene vergelijkende studie der gerechtsboeken en vonissen over een paar eeuwen, zou tot merkwaardige resultaten kunnen leiden, ook in menig ander opzicht.
pagina 25
Submenu: